Geuroverlast is een van de grootste uitdagingen voor horecaondernemers, vooral in stedelijke gebieden. Klachten van omwonenden kunnen leiden tot boetes en zelfs sluiting. Traditionele geurfiltratiesystemen schieten vaak tekort of vereisen intensief onderhoud. Gelukkig zijn er innovatieve technologieën zoals UV-C en plasma die een effectieve oplossing bieden voor een frisse en geurvrije horecaomgeving. Bij Tessu Nu-Air Systems integreren we deze systemen in onze afzuiginstallaties voor de horeca.
Veel horecakeukens maken gebruik van actieve koolfilters voor geurfiltratie. Hoewel deze filters effectief kunnen zijn, hebben ze enkele nadelen:
Deze beperkingen vragen om effectievere en duurzamere oplossingen die de geurproblematiek bij de bron aanpakken. Een breder overzicht van alle beschikbare technieken en wanneer ze verplicht zijn, vind je in geuroverlast in de horeca oplossen.
UV-C technologie maakt gebruik van ultraviolet licht met een specifieke golflengte om vet- en geurmoleculen af te breken. De krachtige UV-C lampen worden in het afzuigkanaal geplaatst, waar ze de passerende lucht behandelen. Het UV-C licht reageert met de vet- en geurmoleculen, waardoor deze worden geoxideerd en omgezet in onschadelijke stoffen zoals CO₂ en waterdamp.
Voordelen van UV-C in geurfiltratie:
Let op: UV-C vermindert de vetaanslag, maar vervangt de reiniging van het kanaal niet. Die blijft nodig voor de brandveiligheid en voor je verzekering. Gebruik daarvoor onze checklist voor het reinigen van het vetkanaal.
Plasmatechnologie, ook wel koud plasma of bipolaire ionisatie genoemd, werkt met een elektrisch veld dat de luchtmoleculen in de afgezogen lucht ioniseert. Daarbij ontstaan geladen deeltjes en reactieve zuurstofverbindingen die geurmoleculen chemisch afbreken op het moment dat ze de plasmasectie passeren.
Voordelen van plasma in geurfiltratie:
Plasma vraagt wel om periodieke reiniging van de elektroden en om een correcte dimensionering: de lucht moet lang genoeg in de plasmasectie verblijven om het gewenste rendement te halen. Een te krap gedimensioneerd systeem levert in de praktijk minder op dan op papier beloofd wordt.
In de praktijk gaat het zelden om één techniek. De keuze hangt af van je geurbelasting, de afstand tot omwonenden en de eisen die de gemeente stelt. Eist de gemeente een doelmatige ontgeuringsinstallatie, dan draait het om aantoonbaar resultaat in jouw situatie, niet om één voorgeschreven techniek.
| Techniek | Sterk in | Aandachtspunt |
| Actieve kool | Nafiltering, lichte tot matige geurbelasting | Verzadigt; filters moeten vervangen worden |
| UV-C | Vetafbraak in het kanaal, hygiëne | Lampen hebben een beperkte levensduur |
| Plasma | Zware en complexe kookgeuren | Vraagt juiste dimensionering en elektrodereiniging |
Bij zware belasting worden technieken vaak gecombineerd: UV-C of plasma als hoofdbehandeling, met koolstof als nafiltering voor de laatste restgeur. Hoe plasma specifiek werkt en waarom het steeds vaker een vergunningseis is, lees je in geuroverlast voorkomen met plasmatechnologie.
Een geurfilterkast bundelt de gekozen technieken in één behuizing, geschikt voor binnen- of buitenopstelling. De kast wordt opgenomen in het afzuigkanaal, tussen de ventilatorkast en de uitblaas. Bekijk onze luchtreinigingsoplossingen of de complete pagina over de ontgeuringsinstallatie voor de horeca.
Belangrijk om te weten: ontgeuring werkt alleen goed op een installatie die verder in orde is. Zit de afzuiging te krap bemeten of ontbreekt de luchttoevoer, dan ontsnapt de geur langs de kap en komt hij nooit bij het filter. Wat er dan misgaat, staat in veelgemaakte fouten bij horeca-afzuiginstallaties.
Houd er ook rekening mee dat de gemeente naast geur vaak eisen stelt aan geluid van de uitblaas; zie geluidsnormen in 2026 en het bredere overzicht in regelgeving horeca-afzuiging.
Welke techniek in jouw situatie het juiste rendement haalt, hangt af van wat je bereidt, hoeveel lucht je verplaatst en hoe dicht de dichtstbijzijnde woning zit. Onze adviseurs beoordelen dat ter plaatse.
Neem vrijblijvend contact op voor advies over ontgeuring in jouw keuken.
Wat is het verschil tussen UV-C en Plasma technologie voor geurfiltratie?
UV-C technologie gebruikt ultraviolet licht om vet- en geurmoleculen af te breken door oxidatie. Het is zeer effectief voor vetreductie en vermindert onderhoud aan kanalen. Plasma technologie daarentegen neutraliseert geuren door actieve deeltjes te creëren via een elektrisch veld. Plasma is krachtiger voor hardnekkige geuren en heeft geen verbruiksartikelen nodig. Voor optimaal resultaat combineert Tessu Nu-Air Systems beide technologieën: UV-C breekt vetten af, Plasma neutraliseert resterende geurcomponenten.
Hoeveel onderhoud vergt een geurfilterkast met UV-C en Plasma?
Een geurfilterkast met UV-C en Plasma technologie vergt aanzienlijk minder onderhoud dan traditionele actieve koolfilters. UV-C lampen gaan jaren mee en hoeven slechts periodiek vervangen te worden. Plasma-units hebben geen verbruiksartikelen en werken vrijwel onderhoudsvrij. Doordat UV-C vetophoping in kanalen vermindert, is ook kanaalreiniging minder frequent nodig. Dit bespaart tijd en kosten vergeleken met het regelmatig vervangen van verzadigde actieve koolfilters.
Zijn UV-C en Plasma geurfilters geschikt voor elke horecakeuken?
Ja, UV-C en Plasma systemen zijn zeer flexibel en kunnen worden aangepast aan verschillende keukentypes. Of u nu een restaurant, café, snackbar of grootkeuken runt - de systemen zijn schaalbaarr naar uw specifieke luchtvolume en geurbelasting. Tessu Nu-Air Systems voert een grondige analyse uit van uw situatie en ontwerpt een maatwerkoplossing die naadloos integreert in uw bestaande of nieuwe afzuigsysteem horeca.
Voldoet een geurfilterkast met UV-C en Plasma aan de Nederlandse milieu-eisen?
Absoluut. UV-C en Plasma technologie behoren tot de meest effectieve geurfiltratie-oplossingen en voldoen ruimschoots aan de strenge Nederlandse milieueisen voor horeca. Door geuren bij de bron aan te pakken en moleculen af te breken tot onschadelijke stoffen (CO2 en waterdamp), voorkomt u klachten van omwonenden en mogelijke boetes. De combinatie zorgt voor een klachtenvrije exploitatie, zelfs in dichtbebouwde stedelijke gebieden.
Er zijn momenteel geen veelgestelde vragen beschikbaar.
De meeste horecaondernemers gaan niet uit zichzelf op zoek naar een blussysteem. De aanleiding is bijna altijd een brief: een verzekeraar die de polis aanpast, een risico-inspecteur die langs is geweest, of een gemeente die bij een vergunningaanvraag om aanvullende maatregelen vraagt. Vaak met een termijn eraan.
Dit artikel legt uit wat er dan precies van je wordt gevraagd, welke normen daarbij genoemd worden en hoe je het aantoonbaar op orde krijgt — zonder je keuken stil te leggen.
Een vetbrand in een frituur of op een grillplaat gedraagt zich anders dan een gewone brand. Bakolie brandt bij een hoge temperatuur en blijft na blussing lang heet genoeg om opnieuw te ontbranden. Water maakt het erger: het verdampt explosief en verspreidt brandende olie door de keuken.
Daar komt bij dat de brand zelden blijft waar hij begint. De vlammen worden door de afzuiging naar boven getrokken, langs de filters het vetkanaal in. Zit daar aanslag, dan heb je binnen enkele minuten een kanaalbrand die zich door het gebouw verspreidt en die de brandweer nauwelijks kan bereiken. Precies om die reden kijken verzekeraars naar de combinatie van reiniging én automatische blussing: het een voorkomt de brandstof, het ander stopt de brand voordat hij het kanaal in gaat.
Hier ontstaat in de praktijk de meeste verwarring, dus laten we het scheiden.
Wat de wet vraagt. In elke professionele keuken waar gefrituurd, gegrild of gebakken wordt, is een vetbrandblusser van brandklasse F verplicht. Daarnaast gelden het Besluit bouwwerken leefomgeving, de Arbowet en gemeentelijke voorschriften, met eisen die afhangen van de grootte van je zaak, het aantal bezoekers en de aanwezige risico’s. Bij meer dan vijftig gelijktijdige bezoekers is bovendien een gebruiksmelding bij de gemeente nodig.
Wat de wet niet doet. Er bestaat geen landelijke regel die zegt dat elke horecakeuken een automatische blusinstallatie boven de kooklijn moet hebben. Die eis komt vrijwel altijd ergens anders vandaan.
Waar de eis dan wel vandaan komt. In de praktijk zijn er drie bronnen: je verzekeraar via de polisvoorwaarden of een risico-inspectie, je eigen risico-inventarisatie en -evaluatie onder de Arbowet, en soms de gemeente bij een vergunning of gebruiksmelding. Een verzekeraar kan een installatie als voorwaarde voor dekking stellen, of een fors hoger eigen risico rekenen zonder.
Dat onderscheid is belangrijk, want het bepaalt bij wie je moet navragen wat er precies van je verwacht wordt. Een compleet overzicht van de regels rond afzuiging staat in regelgeving horeca-afzuiging.
Staat er in je polis of inspectierapport dat het systeem “UL-300 gecertificeerd” moet zijn, dan is dat geen willekeurige letterreeks. Het zijn de erkenningen waaraan verzekeraars en brandweer afmeten of een installatie serieus is.
UL-300 is een brandtestprotocol voor blusinstallaties boven kookapparatuur. Het is ingevoerd omdat oudere systemen met droge chemicaliën niet waren getest op moderne apparatuur en op plantaardige bakolie, die bij hogere temperaturen werkt. Systemen die daar niet aan voldoen, worden bij vervanging van apparatuur of na een afgekeurde inspectie doorgaans vervangen door een UL-300 gecertificeerd systeem met blusvloeistof.
NFPA 17A is de bijbehorende norm voor blusinstallaties met blusvloeistof, en beschrijft vooral het onderhoud. Daarover verderop meer.
VdS is de Duitse erkenning die in Europa breed door verzekeraars wordt gehanteerd.
Het systeem dat wij leveren is goedgekeurd volgens UL-300, VdS en NFPA 17A, en bekend bij verzekeraars en brandweer in Nederland. Dat scheelt discussie: je hoeft niet te onderbouwen waarom je oplossing gelijkwaardig zou zijn.
Het systeem detecteert de brand en blust automatisch, zonder dat er iemand hoeft in te grijpen. Van detectie tot blussing gaat in seconden, en het systeem treedt doorgaans binnen één tot twee minuten na het ontstaan van de brand in werking. Daarnaast is er een handbediening, zodat je personeel zelf kan activeren als het eerder ingrijpt.
De blusvloeistof is specifiek ontwikkeld voor branden met olie en vet van brandklasse F. Die reageert chemisch met de olie en vormt een laag die de zuurstof afsluit en tegelijk de warmte onttrekt. Daardoor blijft de olie niet nagloeien en ontbrandt hij niet opnieuw.
Een praktisch punt dat vaak over het hoofd wordt gezien: de vloeistof is eenvoudig te reinigen. Na een incident staat je keuken uren stil in plaats van dagen. Bij een schuim- of poederblussing ben je veel langer bezig voordat je weer voedsel mag bereiden.
Hier zit het verschil tussen systemen die aan de eis voldoen en systemen die het risico werkelijk afdekken.
Veel installaties beveiligen alleen de apparatuur: sproeiers boven de frituur, de grill en het fornuis. Dat vangt de brand op waar hij ontstaat. Maar de route die de brand neemt — door de filters, het afzuigplenum in en het kanaal op de kap — blijft dan onbeschermd. Juist daar zit het vet, en juist daar is blussen het lastigst.
Onze installatie beveiligt de drie zones als één geheel: boven de apparatuur, in het afzuigplenum en in het afzuigkanaal direct op de kap. Dat is ook de reden dat het logisch is om blussing en afzuiging bij dezelfde partij te beleggen. Wie de afzuigkap ontwerpt en bouwt, weet waar de sproeiers moeten zitten, waar de leidingen lopen en hoe de koppeling met de installatie werkt. Achteraf inbouwen door een derde partij betekent vaak boren in een kap die daar niet op ontworpen is.
Het systeem is geschikt voor zowel nieuwe als bestaande installaties. Bekijk wat wij leveren op onze pagina over brandblusinstallaties.
Een blussysteem staat niet op zichzelf. Bij oplevering horen er een paar koppelingen te zijn geregeld, en dit is precies waar inspecties op afkeuren:
Dit is het punt waarop het bij verzekeraars het vaakst misgaat. Een installatie die er hàngt maar niet aantoonbaar onderhouden is, kan bij schade alsnog tot discussie over je dekking leiden.
NFPA 17A schrijft voor blusinstallaties met blusvloeistof een duidelijk ritme voor. Maandelijks doet je eigen personeel een visuele controle van de systeemonderdelen. Minimaal elk halfjaar volgt een volledige inspectie door een gekwalificeerde monteur, waarbij de smeltlood-elementen niet alleen worden beoordeeld maar standaard worden vervangen. De blusvloeistofcilinders gaan periodiek op druktest; een verlopen keuringsdatum op de cilinder is een van de meest voorkomende redenen voor afkeuring.
Leg elke beurt vast. Datum, wat er is gecontroleerd, wat er is vervangen, door wie. Diezelfde logica geldt voor de reiniging van je kanalen, zoals we beschrijven in brandveiligheid in de horecakeuken. Bij ons loopt dit mee in het onderhoudscontract, zodat je één dossier hebt voor afzuiging en blussing samen.
De investering hangt af van het aantal te beveiligen apparaten, de lengte van de kooklijn, of het plenum en kanaal worden meegenomen en of het om nieuwbouw of inbouw in een bestaande kap gaat. Daarnaast reken je met de halfjaarlijkse inspectie en de periodieke cilinderkeuring.
Zet daar tegenover wat een keukenbrand kost. Niet alleen de schade, maar vooral de weken sluiting, het personeel dat je intussen doorbetaalt en de gasten die inmiddels ergens anders reserveren. Verzekeraars rekenen met datzelfde plaatje, en dat is waarom ze de installatie als voorwaarde stellen in plaats van als advies.
Na een opname ter plaatse weet je precies wat het in jouw keuken kost.
Stuur ons het inspectierapport of de polisvoorwaarden mee. Onze adviseurs vertalen de eis naar een concreet ontwerp, beoordelen of het in je bestaande kap past en leggen vast welke certificeringen je nodig hebt voor je dossier.
Tessu Nu-Air Systems ontwerpt, produceert en installeert al ruim 50 jaar afzuiging en brandbeveiliging voor horeca en grootkeukens, met eigen monteurs door heel Nederland. Bekijk onze brandblusinstallaties of neem vrijblijvend contact op.
Let op: dit artikel geeft een algemeen overzicht. Wat er in jouw situatie geldt, hangt af van je polis, je gemeente en je risico-inventarisatie — vraag dat altijd na bij je verzekeraar of omgevingsdienst.
Koken op houtskool is populairder dan ooit. Een Josper-oven, een open BBQ-grill of een Japanse robata geeft gerechten die smoky smaak en die krokante korst waar gasten voor terugkomen. Maar wie met vuur kookt, heeft ook te maken met vonken, extreme hitte, rookgassen en een sterke geur. Een standaard afzuigkap is daar niet op berekend.
In dit artikel lees je waarom afzuiging voor een houtskoolgrill andere eisen stelt dan een gewone horecakeuken, welke onderdelen onmisbaar zijn en hoe je voorkomt dat je grillconcept een brand-, gezondheids- of burenprobleem wordt.
Een gasfornuis of friteuse produceert vooral warmte, damp en vetdeeltjes. Een houtskoolgrill voegt daar een aantal risico’s aan toe die direct invloed hebben op het ontwerp van je afzuiginstallatie voor de horeca.
Houtskool geeft vonken en kleine gloeiende deeltjes af, zeker bij het aansteken, bijvullen of bij vet dat op de kolen druipt. Worden die deeltjes meegezogen, dan kunnen ze het vet in filters en kanalen ontsteken. Kanaalbranden zijn lastig te blussen en verspreiden zich snel door het gebouw. Hoe je een vetbrand in je afzuiging voorkomt, lees je in brandveiligheid in de horecakeuken.
Een gesloten houtskooloven zoals een Josper werkt met veel hogere temperaturen dan een gewone oven. De hete lucht die boven de grill vrijkomt, stijgt snel en met kracht op. De afzuigkap moet die thermiek kunnen vangen, en het kanaalwerk moet bestand zijn tegen de hogere luchttemperatuur.
Bij verbranding van houtskool ontstaat koolmonoxide, een reukloos en giftig gas. Valt de afzuiging uit of is de luchttoevoer onvoldoende, dan kan CO zich ophopen in de keuken. Dat maakt een goed ontworpen balans tussen afzuiging en luchttoevoer en een betrouwbare CO-detectie essentieel.
Grillen op houtskool produceert veel fijne rookdeeltjes en een doordringende geur. Voor de gast is die geur onderdeel van de beleving, maar voor omwonenden kan het een bron van klachten zijn. In binnenstedelijke locaties is geurbehandeling daarom vaak geen luxe maar een voorwaarde.
Elk grillconcept is anders, maar een veilige en effectieve afzuiging voor een houtskoolgrill bestaat vrijwel altijd uit de volgende onderdelen.
De kap moet voldoende overstek hebben rondom de grill, zodat opstijgende rook en hitte volledig worden opgevangen. Bij grills met veel thermiek, zoals een open BBQ of robata, is extra overstek en voldoende afzuigcapaciteit belangrijk. Wil je weten hoe capaciteit en afmetingen samenhangen? Lees dan ook onze pagina over afzuigkap horeca berekenen.
Een vonkenvanger (spark arrestor) voorkomt dat gloeiende deeltjes de filters en het kanaal bereiken. Bij houtskoolgrills is dit een van de belangrijkste veiligheidsvoorzieningen. De vonkenvanger zit vóór of direct bij de vetfilters en moet goed bereikbaar zijn voor reiniging.
Gaasfilters zijn ongeschikt boven een grill op houtskool. Kies voor labyrint- of cycloonfilters die vet efficiënt afvangen en vlammen tegenhouden. Deze filters moeten vaker gereinigd worden dan boven een gewone kooklijn, omdat de vetbelasting bij grillen hoog is.
Het afzuigkanaal moet de hogere temperaturen aankunnen en volledig vetdicht zijn. Denk ook aan reinigingsluiken op logische plekken en aan brandwerende doorvoeringen waar het kanaal door wanden of vloeren gaat. In veel gevallen is een apart kanaal voor de houtskoolgrill verstandig, los van de rest van de keuken.
Houtskool heeft zuurstof nodig om goed te branden. Zonder voldoende toevoerlucht ontstaat onderdruk in de keuken, trekt de afzuiging slechter en neemt het risico op CO-ophoping toe. Een goed ontworpen luchtbehandeling voor de horeca zorgt dat afgezogen lucht gecontroleerd wordt aangevuld, bij voorkeur voorverwarmd in de winter.
Een CO-melder in de keuken is bij koken op houtskool sterk aan te raden. Nog beter is een koppeling tussen detectie en installatie, zodat bijvoorbeeld een alarm afgaat of de afzuiging opschakelt bij verhoogde waarden. Veel verzekeraars stellen daarnaast eisen aan blusvoorzieningen in de kap bij grillconcepten.
Om geurhinder te voorkomen kun je de afgezogen lucht behandelen voordat deze naar buiten gaat. Veelgebruikte technieken zijn elektrostatische filters (ESP) voor rook en fijnstof, gecombineerd met UV-C of actief kool voor de geur. Lees meer over de mogelijkheden op onze pagina over een ontgeuringsinstallatie voor de horeca of in geuroverlast in de horeca oplossen.
Niet elke houtskoolgrill stelt dezelfde eisen aan de afzuiging. Een korte vergelijking:
| Grilltype | Kenmerken | Aandachtspunten voor afzuiging |
|---|---|---|
| Josper / houtskooloven | Gesloten oven, zeer hoge temperatuur, rook komt vrij bij openen van de deur en via de schoorsteen | Hittebestendig kanaal, vonkenvanger, goede aansluiting op de ovenuitlaat, extra afzuiging bij de deuropening |
| Open BBQ-grill | Open vuur, veel thermiek en vetrook | Groot overstek, hoge afzuigcapaciteit, vlamdovende filters, frequente reiniging |
| Robata / yakitori | Lange, smalle grill, vaak aan de gastzijde of in een open keuken | Kap afgestemd op de lengte, stille afzuiging bij open keuken, geurbehandeling |
Bij een Josper is het extra belangrijk om de installatievoorschriften van de fabrikant te volgen, omdat de oven vaak een eigen rookgasafvoer of aansluiting heeft. Laat de afzuiging daarom altijd ontwerpen in samenhang met het specifieke apparaat.
Bij een grillconcept heb je te maken met meerdere regels tegelijk. Onder de Omgevingswet gelden eisen voor ventilatie, brandveiligheid en het voorkomen van geurhinder. Daarnaast kan de gemeente aanvullende voorwaarden stellen, bijvoorbeeld over de plek van de uitblaasopening of geurbehandeling in een woonomgeving. Een overzicht van de regels lees je in regelgeving horeca-afzuiging.
Ook je verzekeraar speelt een rol. Veel verzekeraars vragen bij houtskoolgrills om aantoonbaar onderhoud, een vaste reinigingsfrequentie van filters en kanalen en een blusinstallatie in de kap. Stem dit af vóórdat je de installatie laat plaatsen, zodat je achteraf niet hoeft aan te passen.
Twijfel je over wat er voor jouw locatie geldt? Neem de vergunningseisen dan mee vanaf het eerste ontwerp, niet pas bij de oplevering.
De beste afzuiging voor een houtskoolgrill is maar zo veilig als het onderhoud. Omdat vet en roet zich bij grillconcepten snel ophopen, geldt:
Een hoogrendement afzuigkap helpt om meer vet af te vangen vóórdat het het kanaal bereikt. Dat verlaagt het brandrisico en de reinigingskosten.
Een Josper, BBQ of robata kan het hart van je horecaconcept zijn, mits de afzuiging erop is afgestemd. Vonken, hitte, koolmonoxide en geur vragen om een installatie met vonkenvanger, vlamdovende filters, hittebestendig kanaalwerk, voldoende luchttoevoer en waar nodig geurbehandeling. Samen met structureel onderhoud houd je je keuken veilig, je personeel gezond en je buren tevreden.
Ga je een grillconcept openen of wil je een houtskoolgrill toevoegen aan je keuken? Tessu ontwerpt en installeert horeca afzuiging die past bij jouw apparatuur en locatie. Neem vrijblijvend contact op voor een adviesgesprek.
Er liggen drie offertes op tafel. Het goedkoopste bedrag is de helft van het duurste. En op het eerste gezicht beschrijven ze alle drie hetzelfde: een afzuiginstallatie voor uw keuken.
Dat is bijna nooit zo. Het verschil zit zelden in de winstmarge en bijna altijd in wat er wél en niet in zit — en dat staat meestal niet in de offerte die het minst kost, want wat je niet levert, hoef je ook niet te beschrijven.
Hieronder staat hoe u drie ongelijksoortige offertes op één lijn brengt, negen punten om na te lopen, en de posten die achteraf alsnog op de eindafrekening verschijnen.
Een afzuiginstallatie is geen product maar een systeem: kap, filtering, kanaalwerk, ventilator, dakdoorvoer, luchttoevoer, regeltechniek en inregeling. Elke aanbieder trekt zijn eigen grens rond dat geheel.
De één rekent de kap plus levering. De ander rekent de complete installatie inclusief bouwkundige aanpassingen en een meetrapport. Beide noemen het een offerte voor een afzuiginstallatie. Het bedrag vergelijken zonder de scope te vergelijken, is dan zinloos.
Voordat u naar bedragen kijkt, beantwoordt u twee vragen voor elke offerte.
Gaan ze uit van hetzelfde debiet? In elke offerte hoort een capaciteit in m³ per uur te staan, en liefst waarop die gebaseerd is. Staat er geen getal, dan weet u niet wat u koopt. Staan er verschillende getallen, dan vergelijkt u twee verschillende installaties — en is de goedkoopste misschien gewoon te licht. Hoe die berekening hoort te verlopen, staat in onze gids over capaciteit en kosten.
Dekken ze dezelfde scope? Maak een simpele tabel met de onderdelen hieronder in de rijen en de drie aanbieders in de kolommen. Vul in wat er per offerte in zit. Vaak ziet u dan binnen tien minuten waar het prijsverschil vandaan komt.
1. Het debiet en de onderbouwing. Staat er een capaciteit genoemd, en is die berekend op basis van uw werkelijke apparatuur of geschat op keukenoppervlak? Dat laatste is de meest gemaakte fout in de branche.
2. De luchttoevoer. De post die het vaakst ontbreekt en het grootste verschil maakt. Zonder geregelde toevoer haalt zelfs een goede kap zijn opgegeven capaciteit niet. Zie luchttoevoer systeem horeca.
3. Het kanaalwerk, en tot waar. Wie levert het kanaal, in welk materiaal, en waar houdt de verantwoordelijkheid op? “Aansluiten op bestaand kanaal” kan betekenen dat het bestaande kanaal te krap is voor het nieuwe debiet.
4. Dakdoorvoer en bouwkundige aanpassingen. Doorvoeren, dakopstelling, draagconstructie, brandwerende afdichtingen. Dit zijn de posten die het vaakst als meerwerk terugkomen.
5. Inregelen en meetrapport. Een installatie die is opgehangen, is niet hetzelfde als een installatie die is ingeregeld. Vraag om een meetrapport na oplevering: dat is uw bewijs dat de capaciteit klopt, en later uw dossier richting verzekeraar en inspectie.
6. Elektra en regeltechniek. Wie legt de voeding aan, wie levert de schakelkast, en zit er een regeling op temperatuur en vervuiling in? Een installatie die altijd op vol vermogen draait, kost u jaren later meer dan het prijsverschil van vandaag — zie energieverbruik van een afzuigkap in de grootkeuken.
7. Geluid. Is er een geluidseis vanuit de gemeente of de omgeving, en is die getoetst? Demping achteraf aanbrengen is aanzienlijk duurder dan meenemen in het ontwerp. Zie geluidsnormen voor horeca.
8. Geur en filtering. Zit er alleen vetfiltering in, of ook ontgeuring? Bij woningen in de buurt is dat geen luxe maar de voorwaarde om open te blijven. Zie geuroverlast in de horeca oplossen.
9. Garantie, onderhoud en storingsdienst. Hoeveel jaar garantie, op welke onderdelen, en wat is de responstijd bij storing? Voor een keuken die zes avonden per week draait, weegt dit zwaarder dan een paar procent op de aanschafprijs. Kijk bij service en onderhoud wat daarin gebruikelijk is.
Vraag expliciet of deze vijf zijn inbegrepen. Een offerte die ze noemt en uitsluit, is eerlijker dan een offerte die ze niet noemt.
In de praktijk komt een verschil van tientallen procenten bijna altijd uit één van deze vier hoeken:
De scope is smaller. Alleen de kap, of alleen levering zonder montage.
Het debiet is lager ingeschat. Een kleinere installatie is goedkoper, tot u ontdekt dat de damp blijft hangen.
De luchttoevoer ontbreekt. Dit is veruit de meest voorkomende verklaring, en ook de duurste om later alsnog te laten aanleggen.
Er is standaard uitgegaan van een standaardsituatie. Een kap uit voorraad die niet aansluit op uw bestaande kanaalroute, levert meerwerk op zodra de monteur in de keuken staat.
Om misverstanden te voorkomen: een goedkopere offerte is niet per definitie een slechtere. Heeft u een eenvoudige keuken, een passend bestaand kanaal en geen omwonenden, dan kán de eenvoudige aanbieding precies genoeg zijn. De vraag is niet of hij goedkoop is, maar of hij compleet is.
De antwoorden op vraag 2 en 4 zeggen meer over een aanbieder dan de prijs. Wie daar concreet op antwoordt, heeft uw situatie bekeken. Wie het vaag houdt, gaat het later in rekening brengen.
Een afzuiginstallatie gaat vijftien tot twintig jaar mee. Over die periode is de aanschafprijs zelden de grootste kostenpost.
Een installatie zonder regeling die de hele dag op vol vermogen draait, en een installatie die verwarmde lucht ongebruikt naar buiten blaast, kosten jaarlijks meer dan het prijsverschil in de offertes. Een hoogrendement afzuigkap is duurder in aanschaf en goedkoper in gebruik — hoeveel precies rekenen we door in hoe de hoogrendementskap zichzelf terugverdient.
Tel daar de kosten van uitval bij op. Een avond zonder werkende afzuiging in een volle zaak kost meer dan een jaar onderhoudscontract.
Meer over de opbouw van de prijs zelf staat in wat kost een horeca-afzuiginstallatie. Twijfelt u of uw huidige installatie überhaupt vervangen moet worden, lees dan eerst wanneer is je afzuiginstallatie aan vervanging toe. En de valkuilen in het ontwerp zelf staan in veelgemaakte fouten bij horeca-afzuiginstallaties.
Tessu Nu-Air Systems specificeert het berekende debiet, de volledige scope en wat er expliciet buiten valt — juist omdat dat vergelijken mogelijk maakt. We komen eerst langs om uw keuken te bekijken, want een offerte zonder inventarisatie is een schatting.
Ligt er al een aanbieding van een ander? Leg hem er gerust naast. Neem vrijblijvend contact op en we lopen samen langs wat er in staat en wat er ontbreekt.
Er komt een moment waarop de vraag zich opdringt: repareren we hem nog een keer, of is het tijd voor een nieuwe? Meestal komt die vraag op een slecht moment — als de monteur er staat, midden in de week, met een keuken die door moet.
Het vervelende is dat een afzuiginstallatie zelden in één keer stukgaat. Hij wordt langzaam slechter, en omdat je er elke dag onder werkt, valt het nauwelijks op. Tot iemand met frisse ogen in de keuken staat.
Hieronder acht signalen die erop wijzen dat vervanging verstandiger is dan nog een reparatie, en wat zo’n traject in de praktijk betekent voor een keuken die gewoon open blijft.
Daar bestaat geen vaste termijn voor, maar er zijn wel praktijkranges. Een roestvaststalen kap gaat bij goed onderhoud vijftien tot twintig jaar mee. De ventilator en motor zitten daar ruim onder: tien tot vijftien jaar is gebruikelijk, korter bij intensief gebruik of veel vet. Kanaalwerk kan het langst mee, mits het periodiek gereinigd is en er geen condens in heeft gestaan.
Dat verschil in levensduur is precies waarom installaties vaak stukje bij beetje worden opgelapt: eerst de motor, dan de regeling, dan een filtersectie. Tot het geheel niet meer op elkaar aansluit.
1. De zuigkracht neemt af terwijl er niets veranderd is. Damp blijft hangen, de keuken wordt warmer, de kok merkt dat de kap het niet meer trekt. Zijn de filters schoon en de kanalen gereinigd, dan zit het probleem in de ventilator, het kanaalwerk of de balans van het systeem.
2. Storingen komen terug. Eén defect lager is pech. Drie storingen in twee jaar is een patroon. Vanaf dat punt betaalt u niet meer voor reparaties maar voor uitstel, en elke storing valt op het verkeerde moment.
3. Er zit roest of corrosie in kap of kanaal. Aantasting van het roestvaststaal duidt meestal op langdurige condens of agressieve reinigingsmiddelen. Een aangetast kanaal is niet alleen een hygiëneprobleem maar ook een brandveiligheidsprobleem, omdat de brandwerendheid dan niet meer gegarandeerd is.
4. De energierekening kruipt omhoog zonder dat u harder draait. Een vervuilde of versleten ventilator moet meer vermogen leveren voor minder resultaat. Een oude installatie zonder regeltechniek draait bovendien de hele dag op vol vermogen. Hoeveel dat in de praktijk scheelt, staat in energieverbruik van een afzuigkap in de grootkeuken.
5. Onderdelen zijn niet meer leverbaar. Bij installaties van vijftien jaar of ouder loopt u hier vroeg of laat tegenaan. Een motor die twee weken levertijd heeft, is in de horeca geen optie meer.
6. De keuken is veranderd, de kap niet. Dit is de meest onderschatte reden. Een menu verandert, er komt een grill bij of een extra friteuse, en de installatie is nog berekend op de situatie van tien jaar geleden. Dan is er niets kapot — hij is simpelweg te klein geworden.
7. Geur- of geluidsklachten die niet meer weggaan. Buren die klagen over kookgeur of een brommende ventilator op het dak. Soms is dat op te lossen met ontgeuringstechniek of een geluidsdemper, maar bij een verouderde installatie is dat pleisters plakken.
8. De installatie voldoet niet meer aan de huidige eisen. Regelgeving rond brandveiligheid, luchttoevoer en emissie is aangescherpt sinds veel installaties zijn geplaatst. Wat destijds akkoord was, hoeft dat nu niet te zijn — zie regelgeving horeca-afzuiging en de EN 15780-norm.
Een bruikbare vuistregel: kost een reparatie meer dan ongeveer een derde van een nieuwe installatie, en is het systeem al over de helft van zijn verwachte levensduur, dan is vervangen doorgaans verstandiger.
Maar die som is te smal, want hij kijkt alleen naar de factuur. Reken ook mee wat een storing u kost op een volle avond, wat u jaarlijks kwijt bent aan energie, en wat een installatie oplevert die wél is afgestemd op uw huidige keuken. Een hoogrendement afzuigkap verlaagt de benodigde luchthoeveelheid fors, en daarmee ook de hoeveelheid verwarmde lucht die u in het stookseizoen naar buiten blaast. Wat dat doet met de terugverdientijd, rekenen we door in hoe de hoogrendementskap zichzelf terugverdient en de terugverdientijd van luchtbehandeling.
Dit is waar het in de praktijk misgaat. Een afzuigkap van de plank lijkt de goedkoopste route, maar bij vervanging in een bestaande keuken loopt u tegen vier dingen aan.
Het kanaal ligt er al. De route, diameter en positie van het bestaande kanaalwerk bepalen wat er kan. Een standaardkap heeft zelden zijn aansluiting op de plek waar uw kanaal zit, en een kap die qua debiet niet bij de bestaande kanaaldiameter past, haalt zijn opgegeven capaciteit nooit.
De rest van de installatie is even oud. Alleen de kap vervangen terwijl ventilator, regeling en luchttoevoer twintig jaar oud zijn, verplaatst het probleem. Het zwakste onderdeel bepaalt de prestatie van het geheel — dat is een van de meest gemaakte fouten bij horeca-afzuiginstallaties.
De bouwkundige situatie is uniek. Plafondhoogte, draagconstructie, de dakopstelling, de afstand tot omliggende woningen: geen twee keukens zijn hetzelfde. Dat laat zich niet in een productcategorie vangen.
De keuken blijft open. U kunt niet drie weken dicht. Dat betekent werken in fases, buiten openingstijden, met een terugvaloptie zodat er elke avond gekookt kan worden. Dat is net zo goed een planningsvraagstuk als een technisch vraagstuk.
Om die vier redenen is vervanging vrijwel altijd maatwerk. Niet omdat maatwerk duurder verkoopt, maar omdat een bestaande keuken nu eenmaal geen lege ruimte is.
Eerst komt er een adviseur langs die de huidige situatie in kaart brengt: apparatuur, kanaalroute, ventilatorkast, luchttoevoer en de knelpunten die u ervaart. Daarna volgt een berekening van wat uw keuken nú nodig heeft, niet wat er tien jaar geleden is neergehangen.
Vervolgens wordt het ontwerp afgestemd op wat er blijft en wat eruit gaat. Soms is het bestaande kanaalwerk prima en vervangt u kap, ventilator en regeling. Soms moet het hele tracé eruit. Dat verschil bepaalt de kosten meer dan de kap zelf.
De uitvoering gebeurt in fases, meestal ’s nachts of op sluitingsdagen. Tot slot wordt de installatie ingeregeld en gemeten, zodat u zwart-op-wit hebt dat de capaciteit klopt. Dat meetrapport is later ook uw bewijs richting verzekeraar en inspectie. Daarna houdt periodiek onderhoud het rendement op peil.
Niet in december, en niet als de motor er al uit ligt. Een vervanging die u zelf plant, kost u een paar nachten. Een vervanging die wordt afgedwongen door een storing, kost u omzet én keuzevrijheid, want dan pakt u wat er leverbaar is.
Loop daarom jaarlijks de staat van uw installatie na — onze najaarscheck is daar een praktische aanleiding voor. Herkent u drie of meer van de acht signalen hierboven, dan is het tijd om het gesprek te voeren voordat het gesprek u overkomt.
Tessu Nu-Air Systems vervangt al ruim vijftig jaar afzuiginstallaties in draaiende horecakeukens en grootkeukens, met eigen engineering, eigen productie en eigen monteurs. Neem vrijblijvend contact op voor een beoordeling op locatie.